Inhoud caddie

Monitoring

Een belangrijk onderdeel op weg naar pesticidevrij beheer is de gebruiksmonitoring gewasbeschermingsmiddelen. Hiermee wordt het feitelijke gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op sportvelden en golfbanen in kaart gebracht.

Het is voor golfbanen die deze middelen toepassen al een wettelijke verplichting om het gebruik te registreren. De gegevens zijn dus al bekend bij de beheerorganisatie. Het aanvullende verzoek om de gegevens op te geven via de gebruiksmonitoring maakt een nationaal beeld mogelijk.

De monitoring vindt plaats in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Toezicht op de registratie en de analyse van de gegevens wordt gedaan door het RIVM. De Golfalliantie (NGF, NGA en NVG) is verantwoordelijk voor het uitzetten van de enquête naar de achterban en moet ervoor zorgen dat de response optimaal is.

Resultaten nulmeting

Begin 2017 vond de eerste enquête plaats. Die nulmeting betrof het gebruik over 2015 en 2016. Alle organisaties met een verantwoordelijkheid als opdrachtgever voor het onderhoud van de golfbaan hebben een verzoek gekregen om mee te werken. Met opdrachtgever wordt bedoeld: de formeel verantwoordelijke persoon die namens de beheerorganisatie intern (aan een eigen team van greenkeepers) dan wel extern (aan een gespecialiseerde golfbaanonderhoudsaannemer) opdracht geeft voor het onderhoud van de betreffende golfbaan (inclusief de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen).

Na een traject van schriftelijke - en mondelinge - herinneringen, is voor de nulmeting in 2017 een goede respons bereikt. Van de 248 golfbanenbeheerders die werden aangeschreven, heeft 77% het gebruik via de webapplicatie geregistreerd. Omgerekend naar de oppervlakte golfbanen waarvan nu het gebruik in 2015 en 2016 bekend is, is dit 86%. In 2018 heeft 87 procent van de Nederlandse golfbanen meegewerkt aan de enquête. De RIVM heeft een doelstelling van 100%. 

Deelname is erg belangrijk voor de golfsector

De hoge respons bewijst dat de meeste golfbaanbeheerders doordrongen zijn van het belang van een succesvolle monitoring. Beheerders die tot dusver ondanks meerdere verzoeken niet bereid zijn gebleken om mee te werken, moeten inzien dat de sector als geheel er baat bij heeft dat een compleet beeld ontstaat van het gebruik. Hoe meer golfbanen meedoen, hoe meer data, hoe meer onderbouwing. Daarmee versterkt de golfsport haar maatschappelijke positie en zal er meer geld vrijkomen ter stimulering van innovaties.

Onderaan deze pagina is het werkdocument van de kerngroep Monitoring te vinden met onder meer de eisen die het ministerie heeft gesteld. Onderaan deze pagina is ook een presentatie van het RIVM te vinden over de resultaten van de nulmeting in de golfsector.