Inhoud caddie

Wintermaatregelen op het gebied van regels

Als de dagen korter en kouder worden, en de fairways natter, wordt golf (nog) lastiger. Maar er zijn (plaatselijke) regels die de club kan invoeren om de golfers te helpen. Tegelijk is het in de herfst en winter soms nodig om andere "wintermaatregelen" te nemen, bijvoorbeeld om de vlaggen op de wintergreens te zetten.

Wel of niet qualifying?

Steeds meer banen zijn vrijwel het hele jaar qualifying, ook in de winter. Dat is toe te juichen, want dan kunnen spelers vrijwel het hele jaar qualifying scores inleveren. Met de komst van het Wereld Handicap Systeem is het belangrijk dat golfers zo veel mogelijk qualifying scores in hun handicapgeschiedenis hebben want hoe meer scores, hoe beter de WHS-handicaphet niveau van een speler weerspiegelt (lees hier meer).

Maar in sommige situaties is er geen sprake van qualifying condities, bijvoorbeeld in het geval van wintergreens (wanneer de vlaggen vanwege vorst, dooi of regenval op tijdelijke greens geplaatst moeten worden). In het geval van wintergreens kun je wel vriendschappelijke ronden spelen, maar geen ronden die meetellen voor je handicap. De baan kan overigens nog wel qualifying zijn als er slechts één wintergreen per 9 holes in gebruik is. Daarnaast geldt dat de lengte van de baan niet meer dan 50 meter over 9 holes (of 100 meter over 18 holes) mag verschillen met de "normale" baan.

Geef door of de baan qualifying is!

Golfbanen kunnen via caddie.ngf.nl, het serviceportaal van de NGF, aangeven of er sprake is van qualifying condities. Het is belangrijk dat banen in Caddie de qualifying status aan- of uitvinken, want Caddie wisselt die informatie uit met de app GOLF.NL. Als golfers op een baan komen of een baan willen gaan bezoeken, dan is het belangrijk dat ze op de app GOLF.NL kunnen zien of ze er een qualifying ronde kunnen spelen of niet.

Hoe verander je de qualifying status?

  1. Ga naar caddie.ngf.nl en log in met de gebruikersnaam en het wachtwoord van jouw baan. (Elke golfbaan heeft één gebruikersnaam en wachtwoord. Dit is dezelfde gebruikersnaam en hetzelfde wachtwoord dat banen gebruikten om in te loggen bij waarkanikgolfen.nl. Weet je het wachtwoord niet meer? Klik dan op “wachtwoord vergeten” en doorloop de stappen om toegang te krijgen. Gebruikersnaam vergeten? Neem dan contact op met  de NGF.).
  2. Klik in de linkerkolom op "Qualifying Status" en vink aan of uit welke baancombinaties qualifying of niet qualifying zijn. Op deze pagina kan bovendien aangegeven worden of de wintergreens in gebruik zijn.
  3. Klik tot slot op "Qualifying Status opslaan".

Let op! Een club of golfbaan moet vooralsnog ook nog op de eigen website en in de eigen clubsoftware aangeven dat de qualifying status verandert. In de toekomst is dat niet meer nodig want dan wordt Caddie (caddie.ngf.nl) gesynchroniseerd met clubsoftware, en omgekeerd. Dan hoeft een baan dus nog maar op één plek de qualifying status aan te passen.

Wintertees en winterratings

Sommige golfbanen zetten de teemarkers in de winter op andere afslagplaatsen dan in de zomer ("wintertees") of ze zetten alle teemarkers voorop de afslagplaatsen. De baan kan in dit geval alleen qualifying zijn zolang aan alle qualifying condities voldaan wordt. Dat is inclusief de voorwaarde dat de lengte van de baan niet meer dan 50 meter per 9 holes (of 100 meter over 18 holes) mag verschillen met de "normale" baan. Het is daarom aan te raden om niet alle teemarkers voorop de afslagplaatsen te zetten, maar om per hole af te wisselen tussen voorop en achterop.

Pas de gegevens aan op Caddie!

Het is overigens wel mogelijk om qualifying te spelen op een baan die vanaf "wintertees" gespeeld wordt en veel korter dan normaal is. Daarvoor moet een "winterrating" aangevraagd worden: de club krijgt dan aparte slagentabellen voor de kortere baan die van wintertees wordt gespeeld. Lees hier meer.

"Plaatsen" of "Bal schoonmaken"

Tussen 1 november en 30 april mogen clubs zelf de plaatselijke regel E3 voor "plaatsen" invoeren. Plaatsen houdt in dat je de bal mag opnemen, schoonmaken en plaatsen. Aanbevolen wordt om de afstand waarbinnen geplaatst moet worden binnen 15 cm of een kaartlengte te houden. Met deze plaatselijke regel kan de baan langer qualifying blijven. Pas wanneer de omstandigheden zodanig worden dat zelfs met de plaatselijke regel E3 geen redelijke qualifying scores meer kunnen worden gemaakt, adviseren wij om de baan non-qualifying te verklaren. In bijzondere gevallen kan de plaatselijke regel voor plaatsen ook in de zomermaanden worden ingevoerd, maar daarvoor moet wel toestemming van de NGF gevraagd worden.

Wanneer de baan nat is en er vaak modder aan de bal blijft kleven, is het niet altijd nodig om de plaatselijke regel E3 voor plaatsen toe te passen. Je kunt bij deze natte baanomstandigheden de spelers al aardig tegemoetkomen met de plaatselijke regel E2: “Bal schoonmaken” (“lift, clean and place”). Spelers mogen de bal dan opnemen, schoonmaken en terugplaatsen (de bal moet op exact dezelfde plek teruggeplaatst worden). Als een bal in het algemene gebied is ingebed in zijn eigen pitchmark, dan kunnen spelers regel 16.3 (ingebedde bal) toepassen. En bij regenplassen kunnen spelers gebruik maken van regel 16.1 (tijdelijk water, zie verderop).

Lees ook het artikel Regeloplossingen in natte tijden. Voor meer informatie over plaatselijke regels en baanmarkeringen, klik hier.

Communicatie

Het is belangrijk om de leden en gasten goed op de hoogte te houden van "wintermaatregelen" in de baan. Vermeld bij de baanstatus op de website of de baan wel of niet qualifying is, of er geplaatst mag worden, of er wintergreens in gebruik zijn, etc. Dan weten de spelers waar ze aan toe zijn en welke "winterregels" er gelden.

Breng daarnaast ook de regels hieronder in herinnering bij de golfers, dan weet iedereen weer wat de golfregels toestaan in bepaalde herfst- en wintersituaties. Op GOLF.NL vind je een uitleg van "winterregels" die gericht is op golfers.

Tijdelijk water

De golfregels staan ook toe dat een golfer zonder straf “tijdelijk water” ontwijkt. Tijdelijk water valt onder de "abnormale baanomstandigheden"; het is elke tijdelijke concentratie van water op de grond (zoals regen- of beregeningsplassen of plassen als gevolg van het overlopen van enige waterpartij). Het is niet voldoende als de grond alleen nat, modderig of zacht is of dat er alleen even water zichtbaar is als de speler op de grond stapt; er moet een concentratie van water zichtbaar blijven voor of nadat de stand is ingenomen. Regel 16 legt uit wanneer je tijdelijk water zonder straf mag ontwijken en hoe dat moet. 

IJs, hagel en sneeuw

Sneeuw, ijs en hagel zijn tijdelijk water óf een "los natuurlijk voorwerp", naar keuze van de speler.

  • Als de hele baan bedekt is met sneeuw kun je sneeuw het beste beschouwen als los natuurlijk voorwerp: je mag dan wat sneeuw rondom je bal wegnemen zolang je de bal daarbij maar niet beweegt.
  • Als de baan overwegend groen is en je bal ligt op een klein stukje sneeuw, dan kun je sneeuw het beste behandelen als tijdelijk water; dan kun je het tijdelijk water ontwijken en droppen op gras.
  • Losse natuurlijke voorwerpen op de green mag je wegvegen en dat geldt dus ook voor hagel.
  • Je mag uiteraard ook niets doen en de bal gewoon spelen zoals hij ligt.

Rijp en dauw

Rijp en dauw zijn geen losse natuurlijk voorwerpen (omdat het aan het gras kleeft) en vallen niet onder tijdelijk water. Je mag rijp of dauw dan ook niet wegvegen op de green.

Een bevroren hindernis

Als je bal op een bevroren sloot ligt, mag je proberen om de bal te spelen zoals hij ligt. De sloot is een hindernis dus je mag de club "grounden", ofwel de club mag bij het adresseren het ijs of sneeuw op het ijs raken. Maar slaan van ijs is niet altijd eeen goed idee. Het kan gevaarlijk zijn en een mislukte poging leidt vaak tot een hoge score.

Extra aandacht voor de etiquette

In natte periodes en in de herfst en winter zijn de greens zachter en kwetsbaarder dan normaal. Dat leidt tot meer schade van ballen en schoenen en pitchmarks zijn vaak dieper.

Tegelijk is er in de herfst en winter veel minder herstel van schade, want in de herfst komt de groei van het gras langzaam tot stilstand en in de winter groeit het niet of nauwelijks. Het duurt vaak tot mei voordat schade hersteld is. Het is daarom in de herfst en winter extra belangrijk dat elke pitchmark meteen gerepareerd wordt en dat plaggen teruggeplaatst en aangestampt worden.

Het is goed om golfers erop te wijzen dat ze sinds de invoering van de nieuwe regels veel meer schade mogen repareren dan voorheen. Niet alleen pitchmarks (die hersteld moeten worden) maar bijvoorbeeld ook spikemarks of schade veroorzaakt door een club of vlag. Lees op GOLF.NL meer over schade op de green. 

Een golfbaan is extra kwetsbaar bij het begin van vorst en zodra er dooi komt. In dat geval is het soms nodig om de "zomergreens" of de hele baan te sluiten. In de video hieronder, die clubs kunnen delen met hun leden, legt NGF-agronoom Niels Dokkuma uit waarom dit moet. Het gaat om het behoud van de baan en een betere kwaliteit van de greens vanaf het voorjaar.

Bij Caddie > Etiquette vind je meer video's.