Oog voor de bal én de natuur tijdens golf
11 mei 2026
Het 'competitieverslag' van Louise Bienfait is onderdeel van de campagne Dat doen we natuurlijk, een initiatief van de NGF, NVG, NGA en PGA Holland. De campagne heeft als doel om golfers en niet-golfers te wijzen op de rijke natuur die op golfbanen voorkomt.
Inhoudsopgave
Dag 1 – Golfclub De Dommel
De eerste competitiedag bracht me naar Golfclub De Dommel. Het is altijd even spannend om ineens weer 36 holes te lopen, maar gelukkig is er voor mij genoeg afleiding op deze mooie baan. De afgelopen drie jaar is hier hard gewerkt aan een grootschalige baanrenovatie. Zo zijn er meer natuurlijke zones, is er ruimte voor ruigte, struweel, natuurvriendelijke oevers en bloemrijke vegetatie. Niet alleen mooi om te zien als je het mij vraagt, maar ecologisch ook heel waardevol. Geleidelijke overgangen tussen bos en open terrein – zogenoemde mantel-zoomvegetaties – zijn namelijk hotspots voor insecten en andere dieren. En waar insecten zijn, volgen de vogels.
Ik baalde een beetje dat ik mijn bal net was kwijtgeraakt in de waterhindernis toen ik tijdens mijn wandeling naar de volgende hole een jonge boomklever gevoerd zag worden door een van de ouders. De boomklever is een echte bosrandsoort. Hij broedt graag in oude spechtenholen of nestkasten en heeft dus baat bij een wat volwassener bos met een goede lagenstructuur. Dat zo’n jonge vogel hier wordt grootgebracht, zegt iets over de kwaliteit van het leefgebied. En na dit mooie tafereel zat ik gelijk weer in een soort relaxte vakantiemodus.
Ook achter het clubhuis wachtte een verrassing. Vanaf buiten is er niks van te zien, maar vanuit het clubhuis kijk je via een grote raampartij over het water uit. Hier wemelt het van de watervogels. Eenden, meerkoeten, ganzen, maar ook een reiger die we de hele dag op dezelfde plek zagen staan, wachtende op een lekker hapje. Waterpartijen op golfbanen zijn veel meer dan alleen spelhindernissen – het zijn leefgebieden voor een heleboel dieren. De natuurvriendelijke oevers en afwisseling van dichte en open oevervegetatie vormen kraamkamers voor onder andere amfibieën, insecten én vogels.
Zo werd het uiteindelijk een heerlijke competitiedag met birdies én boomklevers. Dat doen we natuurlijk.
Foto onder: een boomklever (Pexels/Peter Ganaj). De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Dag 2 – Prise d’Eau
Dag twee van de competitie bracht me naar Prise d’Eau. Een baan waar natuur en duurzaamheid zichtbaar onderdeel zijn van het beheer. En wat deze keer direct opviel? Het vrolijke gekwetter van alle spreeuwen.
In grote groepen trokken ze over de fairways en zaten ze overal in de bunker. Eentje nam zelfs plaats op de hark in de bunker terwijl ik me voorbereidde op mijn chip. Of hij mijn techniek goedkeurde laat ik even in het midden.
Wat mij vooral opviel, waren de grote aantallen nestkasten. En ze leken ook allemaal bezet te zijn. Spreeuwen zijn echte koloniebroeders en maken daar dankbaar gebruik van. Dat is niet alleen gezellig, maar ook ontzettend functioneel. Tijdens het broedseizoen vangen spreeuwen namelijk duizenden insecten om hun jongen groot te brengen. Denk aan engerlingen en emelten – larven die schade kunnen veroorzaken aan de graswortels.
Een spreeuw nam plaats op de hark in de bunker terwijl ik me voorbereidde op mijn chip
Waar spreeuwen foerageren, helpen ze dus actief mee aan natuurlijke plaagbeheersing. En dat doen ze heel subtiel. Kraaien zijn bijvoorbeeld ook dol op engerlingen, maar trekken met hun snavel hele plukken gras los om erbij te komen. Spreeuwen hebben een veel fijnere snavel en peuteren hun prooi met veel precisie uit de bodem, zonder de fairway open te leggen. Minder schade, wel bestrijding. Zo kan biodiversiteit een bondgenoot zijn van de greenkeeper – hoe mooi is dat.
En wist je dat spreeuwen nog een bijzonder talent hebben. Het zijn echte imitators, die moeiteloos andere vogels en soms zelfs andere omgevingsgeluiden kunnen nabootsen. Zo hoorde ik op een andere golfbaan een keer de roep van een grote bonte specht. Maar hij klonk wat anders dan normaal. En wat bleek, het was een spreeuw die bovenin de boom de roep van de specht imiteerde.
Dus ondanks dat we geen greenkeepers hebben gezien tijdens onze wedstrijden, werd de baan tiptop in orde gehouden dankzij de spreeuwen. Dat doen we natuurlijk.
Foto onder: een spreeuw. De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Dag 3 – Golfclub Heelsum
Dit keer waren we gastvrouw. Ik had de rol van spotter en stond halverwege hole 1 klaar om eventueel ballen te zoeken. Gelukkig was dat nauwelijks nodig, want de dames uit onze poule slaan allemaal opvallend netjes rechtdoor. Dus er was genoeg tijd om ook natuur te spotten.
’s Middags stond een speelster klaar voor haar tweede slag, richting de green, toen ik ineens een hard gezoem hoorde. Niet het zachte gezoem van een enkele bij, maar echt luid en massaal. We stonden niet direct bij een boom, dus het duurde even voor ik door had waar het vandaan kwam. Tot we een grote wolk met bijen zagen aankomen. De zwerm hing inmiddels precies boven de bal.
We zijn allemaal rustig aan de kant gegaan en hebben even gewacht. De bijen trokken langzaam verder langs de bomenrij. Even later zagen we verderop bij de tee hetzelfde gebeuren: speelsters die tijdelijk plaatsmaakten voor een voorbijtrekkende zwerm.
Wat we hier zagen was een zwerm honingbijen. Wanneer een volk in het voorjaar of de vroege zomer groot genoeg wordt, splitst het zich. Een koningin vertrekt dan met een deel van de werkbijen om een nieuwe nestplek te zoeken. Dat moment van vertrek is zo’n zwerm. Duizenden bijen die tijdelijk samen door de lucht bewegen, op zoek naar een geschikte plek om zich te vestigen.
De honingbij is maar één van de ruim 350 bijensoorten in Nederland
Zo’n zwerm ziet er indrukwekkend uit, maar is meestal niet agressief. De bijen hebben op dat moment geen nest om te verdedigen en zijn vooral gefocust op hun verhuizing. Het beste wat je kunt doen als je een zwerm ziet, is precies wat wij deden: rustig afstand nemen en ze hun gang laten gaan. Als de bijenzwerm als tros in een boom of struik hangt, dan kan een lokale imker worden gebeld om ze veilig mee te nemen naar een bijenkast.
De honingbij is overigens maar één van de ruim 350 bijensoorten in Nederland. De meeste daarvan leven solitair. Geen groot volk, geen koningin met duizenden werksters, maar individuele vrouwtjes die elk hun eigen nest maken in de grond of kleine holtes. Juist op golfbanen vinden ze daarvoor geschikte plekken, op niet aangeharkte zandige stukken, bloemrijke graslanden en rustige zones waar niet intensief wordt gemaaid.
Zelfs op een dag waarop ik dacht weinig te zien, kwam de natuur weer even nadrukkelijk voorbij. Letterlijk zoemend over de fairway. Dat doen we natuurlijk.
Foto onder: een bij op een golfbal. De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Dag 4 – Hoenshuis
Dit keer speelden we in Limburg, op Golf & Country Club Hoenshuis. Omdat het voor ons een flinke reis is, maakten we er een heel weekend van. Op zaterdag stond het voorspelen op het programma. Het was warm en benauwd; zo’n dag waarop de lucht zwaar aanvoelt. In de regio ontstonden voortdurend nieuwe onweersbuien, waardoor het bijna niet te voorspellen was wanneer het precies los zou barsten.
Tot en met hole 16 hielden we het droog. Daarna niet meer. We zijn terug naar het clubhuis gerend terwijl de regen met bakken uit de lucht kwam. Jammer, want de baan lag er prachtig bij. Frisgroen en bloemrijk. “Je kunt hier net zo goed bloemen gaan plukken in plaats van golfen,” werd er gezegd. Al maakten de uitgebloeide paardenbloemen het terugvinden van een bal soms verrassend lastig.
De volgende ochtend was het decor totaal anders. De regen had zijn werk gedaan. Meerdere bunkers stonden onder water en hier en daar zwommen zelfs eendjes in wat normaal een hindernis van zand is. Sommige bunkers waren gemarkeerd als GUR, een klein gelukje. Op de fairway staken meerkoeten en waterhoenen met hun jongen over, alsof ook zij een vaste starttijd hadden.
Langs de bosrand zag ik een eekhoorn druk in de weer. Steeds korte sprintjes, even stoppen, graven, weer door. In deze tijd van het jaar zijn eekhoorns extra actief. Ze leggen in het najaar voedselvoorraden aan, vooral noten en zaden die ze verspreid verstoppen. Maar ze onthouden niet elke plek. Dat “vergeten” is ecologisch gezien trouwens heel handig. Een deel van die noten en zaden krijgt zo de kans om uit te groeien tot nieuwe bomen. Wat nu dus oogt als een fanatieke speurtocht naar een vergeten voorraad, is indirect ook bosverjonging in actie.
Mannetjeskikkers roepen om vrouwtjes te lokken, vaak massaal tegelijk
Bij het water was het allesbehalve stil. Een kakofonie van gekwaak steeg op uit de oevervegetatie. Het is nog steeds voortplantingstijd voor verschillende kikkersoorten. Mannetjes roepen om vrouwtjes te lokken, vaak massaal tegelijk. Na een flinke regenperiode zijn poelen en oevers tijdelijk groter en voedselrijker, wat gunstig is voor eieren en kikkervisjes. Golfbanen met waterpartijen en natuurvriendelijke oevers kunnen daardoor waardevolle voortplantingsplekken zijn, zeker als er voldoende variatie is in zon, schaduw en begroeiing.
Zo liet de baan zich dit weekend van twee kanten zien. Eerst zwoel en bloemrijk, daarna nat en levendig. En ergens tussen ondergelopen bunkers, overstekende watervogels en een gravende eekhoorn door speelden wij onze ronde. Dat doen we natuurlijk.
De tekst gaat verder onder de afbeelding.
Dag 5 – Eindhovensche Golf
De laatste competitiedag speelden we op de Eindhovensche Golf. Het was erop of eronder voor ons. Wij of onze directe tegenstander zou bij verlies degraderen.
Het eerste uur lag er nog een deken van dauw op het gras. En terwijl wij probeerden ons ritme te vinden, was het om ons heen één groot orkest aan vogelgeluiden. Merels, zanglijsters, winterkoninkjes, noem maar op. En daar tussendoor af en toe een duidelijke solo van de koekoek. Heerlijk wakker worden, als je het mij vraagt.
De koekoek is een bijzondere soort. Je hoort hem vaker dan je hem ziet. Het is een broedparasiet. Dat betekent dat het vrouwtje haar ei legt in het nest van een andere vogelsoort, bijvoorbeeld een kleine zangvogel. De eieren lijken op die van de zangvogel en het koekoeksjong werpt alle andere eieren uit het nest. De nieuwe ouders broeden het ei uit en voeden vervolgens de jonge koekoek op. De koekoek zelf bouwt dus geen nest. Volwassen koekoeken leven vooral van rupsen, ook van harige, giftige soorten die veel andere vogels laten liggen. Dat maakt hem een belangrijke schakel in het ecosysteem. Zijn roep hoort bij het voorjaar, maar zegt ook iets over de aanwezigheid van voldoende insecten en geschikte leefgebieden.
Een laag, hoempend geluid dat doet denken aan het blazen over een lege fles. Dat is de roerdomp
Wanneer we van de green van hole 5 aflopen horen we een apart geluid. Een laag, hoempend geluid dat doet denken aan het blazen over een lege fles. Dat is de roerdomp. Een vogel die je zelden ziet, maar des te beter hoort. Twee jaar geleden hoorde ik hem hier ook al, dus blijkbaar voelt hij zich thuis.
De roerdomp leeft in uitgestrekte rietvelden met rustig, ondiep water. Hij vertrouwt volledig op zijn schutkleur. Bij gevaar strekt hij zijn hals omhoog en blijft hij roerloos staan tussen het riet. Daardoor valt hij bijna niet op. Het feit dat hij hier te horen is, wijst op een stabiel en geschikt leefgebied. Rietzones met rust en voldoende voedsel zijn namelijk essentieel voor deze soort, die landelijk niet overal meer vanzelfsprekend voorkomt.
Naast de vele vogels, waren ook libellen van de partij. Waar je ze misschien juist bij het water zou verwachten, zag ik ze vooral boven de fairway en heidestukken vliegen. Libellen zijn echte jagers. Als larve leven ze onder water, waar ze zich tegoed doen aan kleine waterdiertjes. Afhankelijk van de soort kan dat stadium maanden tot zelfs enkele jaren duren. Daarna kruipen ze uit het water, vervellen en beginnen hun leven als vliegende predator. Ook dan blijven ze insecten vangen. Ze gebruiken vaak een paar favoriete uitkijkpunten en vliegen vanaf daar om hun prooi in volle vlucht te vangen. Dat we ze vandaag ook verder van het water zagen, is logisch. Ze gebruiken de hele golfbaan als jachtgebied.
Tussen dauw, vogelzang en jagende libellen door speelden wij onze beslissende ronde. Helaas viel het kwartje niet onze kant op en degraderen we voor het eerst. Maar zelfs op een dag met spanning en teleurstelling liet de baan weer zien hoeveel er speelt naast het spel alleen. En ook dat hoort bij deze competitie. Dat doen we natuurlijk.
Foto onder: een libel.