Inhoud caddie

Spelersprofiel 2: EGA-hcp 12, minder dan 20 scores

De transitie van een EGA-handicap naar een WHS-handicap: een voorbeeld van een speler met een EGA-handicap van 12 die minder dan 20 scores in de handicapgeschiedenis heeft.

Bij de transitie van een EGA-handicap naar een WHS-handicap worden de gegevens gebruikt die in de NGF-database staan. Clubs zijn deze gegevens gaan delen met de NGF vanaf midden 2016. Voor de berekening van een WHS-handicap worden de laatste 20 scores van een speler gebruikt. Bij de overgang naar het WHS wordt voor de eerste 20 scores wordt een speciale transitietabel gebruikt. Deze transitietabel geeft ook bij minder dan 20 scores een WHS-handicap. Pas vanaf 9 scores geeft de berekende WHS-handicap een redelijke weerspiegeling van de speelsterkte van de speler. Het wordt daarom sterk aangeraden om te zorgen dat er minimaal 9 scores in de NGF database zitten voor 1 januari 2021 of snel daarna.

De bestudeerde gegevens van veel spelers geven aan dat de WHS-handicap van de overgrote meerderheid van de spelers hoger zal zijn dan hun EGA-handicap; en hoe hoger de EGA-handicap, hoe groter dit effect zal kunnen zijn. De uitzonderingen zijn spelers met een lage handicap (4 of lager). Omdat de spreiding van hun scores veel kleiner is, zal het gemiddelde van hun beste 8 scores vaak lager zijn dan hun EGA-handicap. 

 

whs

Hierboven staat een voorbeeld van een speler met handicap 12 die minder dan 20 scores in de handicapgeschiedenis heeft. De oudste score is van 28 augustus 2016, die staat op regel 2. De meest recente score staat onderaan.

In de handicapgeschiedenis van deze speler staan dus minder dan 20 scores (17 inclusief artificiële score). De transitietabel bepaalt in dit geval dat de beste zes scores gaan meetellen. Het gemiddelde van die zes scores bepaalt de WHS-handicap.

Op de eerste regel is een artificiële score ingevuld, gemaakt op een standaard baan met par 72 en een course rating van 72 en een slope rating van 113. De artificiële score is een dagresultaat van 14,1, gelijk aan WHS-handicap 12,1 (gelijk aan de laatste EGA-handicap van deze speler). Scores 2 tot en met 17 zijn werkelijk gemaakt door deze speler.

Rechts onderaan zie je dat de “eind-EGA-handicap” van deze speler 12,1 was. De scores van de speler in het voorbeeld zijn redelijk stabiel: de spreiding van de scores is relatief laag. Het hoogste dagresultaat is namelijk 14,9 en het laagste 8,7.

In dit voorbeeld bepaalt het gemiddelde van de zes beste scores de WHS-handicap. Onder die zes scores zit de artificiële score en vijf werkelijk gemaakte scores.

De WHS-handicap van deze speler wordt 12,5. Dat is 0,4 hoger dan de “eind-EGA-handicap” 12,1 van deze speler. De WHS-handicap wordt ietsje hoger dan de EGA-handicap. Dat komt omdat de EGA-handicap in het algemeen gedreven wordt door een paar goede scores. Bij de WHS-handicapberekening speelt de spreiding van scores een grotere rol. Ook minder goede scores tellen mee. Daarom wordt de WHS-handicap van deze speler hoger dan de EGA-handicap.

Als er geen artificiële ingevoerd zou worden, dan zou de speler in het voorbeeld een veel hogere WHS-handicap krijgen. 

Nadere toelichting

  • Op basis van de bruto scores per hole of het aantal behaalde Stableford-punten wordt een dagresultaat bepaald.
  • De WHS-handicap wordt bepaald op basis van de beschikbare dagresultaten. Als er 20 scores beschikbaar zijn, dan is de WHS-handicap het gemiddelde van de beste 8 dagresultaten van de laatste 20 rondes.
  • Bij de speler in het voorbeeld hierboven zijn maar 16 werkelijk gemaakte scores beschikbaar.
  • De eerste “ronde”, waarvan de baangegevens in het geel zijn gemarkeerd, is een artificiële score. Voor alle spelers waarvoor minder dan 20 scores in de NGF database beschikbaar zijn, wordt automatisch een artificiële score toegevoegd (gedateerd 1 januari 2016). Deze artificiële score is altijd een score die een WHS-handicap oplevert die gelijk is aan de laatste EGA-handicap. Dit doen we om te voorkomen dat met name spelers die alleen resultaten in de database hebben staan die slechter zijn dan hun huidige EGA handicap meteen een behoorlijke handicap stijging zouden krijgen. Door het toevoegen van deze ene artificiële ronde wordt de WHS-handicap in elk geval verankerd aan de laatste EGA-handicap.
  • Normaal wordt de WHS-handicap bepaald door het gemiddelde van de beste 8 van de laatste 20 dagresultaten, maar bij minder scores dan 20 worden voor de bepaling van de WHS-handicap ook minder dan 8 scores gebruikt. Zie hiervoor de transitietabel.
  • De speler in het voorbeeld begon met een EGA-handicap van 12,3. Hij eindigt bijna op hetzelfde niveau met een EGA-handicap van 12,1. In dit geval is ronde 17 een ronde geweest met CBA -2 Reduction Only. Ook al behaalde de speler duidelijk niet genoeg Stableford-punten voor zijn buffer, de handicap bleef gelijk. (In het WHS bestaat Reduction Only niet meer, maar loopt de Playing Conditions Calculation - PCC - wel door tot +3.)
  • Door de artificiële score van 12,1 is de WHS-handicap van deze speler in het begin ongeveer gelijk aan de laatste EGA-handicap. Daarna daalt de WHS-handicap eerst aanzienlijk door het goede dagresultaat van ronde 2. Daarna stijgt de WHS-handicap naar 12,5. Het dagresultaat van ronde 2 heeft initieel een enorme impact, omdat dit dagresultaat - totdat ronde 6 erbij komt - het enige resultaat is dat bepalend is voor de WHS-handicap. Dit geeft eens temeer aan dat het belangrijk is dat een speler minimaal 9 scores in zijn/haar handicapgeschiedenis heeft. Als het resultaat van de tweede ronde slechter was geweest dan de artificiële score, dan was de WHS-handicap van deze speler initieel 12 geweest. Daarna was de WHS-handicap opgelopen tot bijna 15 om te eindigen op 13,6.
  • Pas bij een 19de score in de handicapgeschiedenis van deze speler wordt het gemiddelde bepaald over de beste 7 scores en bij een 20ste score over de beste 8. Zie hiervoor de transitietabel.
  • Bij een 21ste ronde valt de artificiële score weg en wordt de handicap van de speler volledig bepaald door zijn eigen resultaten.

Omdat je WHS-handicap wordt bepaald door het gemiddelde van je beste 8 dagresultaten over je laatste 20 qualifying ronden, is het belangrijk om een ronde zo goed mogelijk af te maken. Want als een minder goede score toch deel gaat uitmaken van je beste 8 scores, dan levert een score met als equivalent 31 Stableford-punten een aanzienlijk beter dagresultaat op dan een score met als equivalent 26 Stableford-punten. 

Belangrijke termen

Bruto score: het totaal aantal slagen over 18 holes.
Aangepaste bruto score: het totaal aantal slagen over 18 holes, waarbij hoge holescores beperkt worden tot een netto double bogey.
Playing Conditions Calculation (PPC): een correctiefactor om de speelcondities van de dag mee te nemen.

In deze video worden de belangrijkste WHS-termen toegelicht.

Ga terug naar de FAQ "Zijn er voorbeelden van handicapstijgingen en -dalingen bij de transitie naar het WHS?"